Schijnzelfstandigheid in de zorg (2026): risico's voor zzp'ers in de zorg en hoe je ze voorkomt
De zorg is dé prioriteitssector van de Belastingdienst voor handhaving op schijnzelfstandigheid. Vaste dienstroosters, inbedding in zorgteams, protocollen en instellingsmiddelen maken dat zzp'ers in de zorg — verpleegkundigen, artsen, paramedici, ggz-professionals — snel als werknemer worden geclassificeerd. Sinds 1 januari 2025 is het handhavingsmoratorium geëindigd; per 2026 geldt bovendien de Zelfstandigenwet met drielagentoets (5+4 criteria) en een rechtsvermoeden bij tarieven onder €38/uur. Deze pagina legt uit hoe de toets in de zorg uitpakt, welke rollen het meeste risico lopen, en hoe je als zzp'er of zorginstelling naheffingen en vergrijpboetes voorkomt.
Waarom is de zorg de prioriteitssector voor de Belastingdienst?
De zorgsector combineert vrijwel alle klassieke werknemerskenmerken die de rechter en de Belastingdienst zwaar laten meewegen:
• Roostering — zorg-zzp'ers werken vaak in dienstroosters die identiek zijn aan die van collega's in loondienst
• Inbedding — verpleegkundigen, artsen en paramedici zijn onderdeel van een team, een afdeling en een hiërarchie
• Bedrijfsmiddelen — infuuspompen, EPD's (Chipsoft/HiX/Nedap), badges, dienstkleding en medicatie komen van de instelling
• Continuïteit — patiëntveiligheid vereist langdurige aanwezigheid en overdracht
• Gezag — landelijke richtlijnen (NHG, FMS, V&VN), interne protocollen en kwaliteitseisen creëren feitelijke instructiebevoegdheid
Het gevolg: de Belastingdienst noemt zorg samen met bouw, onderwijs en de publieke sector als prioriteit in het Handhavingsplan 2025–2026. VWS heeft daarnaast een eigen actieplan om schijnconstructies via zorgbureaus en detacheerders terug te dringen.
De 5+4 toets uit de Zelfstandigenwet toegepast op zorg-zzp'ers
Vanaf 2026 vervangt de Zelfstandigenwet de losse VBAR-criteria met een drielagentoets. In de zorg werkt dat als volgt:
Zelfstandigentoets (5 criteria — ondernemerschap):
1. Ondernemersrisico — loop je écht risico op wanbetaling, leegloop en aansprakelijkheid? Een zzp'er met één vaste opdrachtgever en gegarandeerde uren scoort laag.
2. Investeringen — eigen apparatuur, cursussen (BIG-nascholing, ALS, IC-modules), BAV-verzekering, praktijkruimte.
3. Meerdere opdrachtgevers — werken voor 2 of meer instellingen per kalenderjaar is een sterke indicator.
4. Externe presentatie — eigen website, KvK-inschrijving als zorgondernemer, professioneel portfolio.
5. Duur en omvang — kortdurende opdrachten (weken/maanden) scoren beter dan een 40-uursrelatie van 2+ jaar op dezelfde afdeling.
Werkrelatietoets (4 criteria — dienstbetrekkingkenmerken):
1. Gezagsverhouding — moet je je houden aan het rooster, briefings, en de aanwijzingen van de teamleider?
2. Persoonlijke arbeid / vervanging — kun je vrij een gekwalificeerde vervanger inzetten zonder toestemming?
3. Beloning — vast uurtarief per maand of prestatiegebonden per dienst/behandeling?
4. Inbedding — sta je op de afdelingslijst, in het rooster, in de EPD-permissies als vast teamlid?
Rechtsvermoeden: verdien je minder dan €38/uur, dan mag jij (niet de Belastingdienst) een arbeidsovereenkomst inroepen.
Welke zorgrollen lopen het meeste risico?
Hoog risico:
• Zzp-verpleegkundigen op ic, seh en klinische afdelingen die 32–40 uur/week in vaste diensten draaien
• Zzp-verzorgenden in de wijkzorg met een vast cliëntenrooster van één thuiszorgorganisatie
• Vaste waarneming bij één huisartsenpraktijk zonder eigen praktijkvoering
• Ggz-behandelaars die volledig zijn opgenomen in een multidisciplinair behandelteam en het EPD van de instelling gebruiken
• Zzp-fysio- of ergotherapeuten die uitsluitend in de praktijk van een ziekenhuis of revalidatiecentrum werken
Laag risico:
• Waarnemend huisarts met eigen AGB-code die op 3+ praktijken werkt, eigen laptop meebrengt en per dagdeel factureert
• Interim-medisch specialist voor projectmatige opdrachten (bijv. reorganisatie OK-programma) met vaste einddatum
• Zzp-tandarts met eigen patiëntenbestand die stoel huurt in wisselende praktijken
• Zelfstandig gevestigde psycholoog met eigen praktijk en aanvullend contracten met verzekeraars
De rode draad: hoe meer je lijkt op een uitwisselbare roosterkracht binnen één organisatie, hoe hoger het risico. Hoe meer je lijkt op een externe leverancier met een eigen praktijk, hoe lager.
Deliveroo- en Uber-arrest: wat betekent dat voor zorg-zzp'ers?
De Hoge Raad heeft in het Deliveroo-arrest (2023) en het Uber-arrest (2025) bevestigd dat de holistische toets (alle omstandigheden samen) doorslaggevend is — niet één losse afspraak in het contract. Voor de zorg is dat cruciaal:
• Een modelovereenkomst 'geen werkgeversgezag' beschermt niet als de praktijk anders is (vast rooster, protocollen, geen vervanging).
• Kenmerken als 'inbedding in de organisatie' wegen zwaar mee, ook als het contract iets anders zegt.
• Rechters kijken naar hoe de zzp'er zich extern presenteert (KvK, website, meerdere opdrachtgevers) én naar hoe de instelling het regelt intern (EPD-rol, functieomschrijving, teamoverleg).
Concreet: een zzp-verpleegkundige die al 2 jaar 40 uur/week op dezelfde ic-afdeling werkt, verliest de toets — óók als er een modelovereenkomst ligt. De Belastingdienst kan dan tot 5 jaar terug loonheffingen naheffen bij de zorginstelling.
Naheffing en vergrijpboete: financiële impact in de zorg
Als schijnzelfstandigheid wordt vastgesteld, volgt bij de opdrachtgever (de zorginstelling):
• Naheffing loonheffing tot 5 jaar terug (loonbelasting + premies volksverzekeringen + werknemersverzekeringen + zvw-bijdrage)
• Bruteringsopslag omdat het nettobedrag al is uitbetaald aan de zzp'er
• Belastingrente vanaf het moment van verschuldigdheid
• Vergrijpboete van 25% (grove schuld) tot 100% (opzet) van de nageheven belasting
Voor de zzp'er in de zorg:
• De naheffing komt in beginsel bij de instelling terecht, maar kan via de arbeidsrechtelijke route (loonvordering, verklaring voor recht arbeidsovereenkomst) alsnog leiden tot herclassificatie met terugwerkende kracht.
• Verlies van MKB-winstvrijstelling en zelfstandigenaftrek voor de betreffende jaren (aanvullende aanslag inkomstenbelasting).
• Terugbetaling van eventueel te veel geïnde btw.
Rekenvoorbeeld: een zorginstelling die 3 zzp-verpleegkundigen à €60/uur, 32 uur/week gedurende 3 jaar inhuurde, riskeert bij herclassificatie een naheffing + boete van naar schatting €250.000–€400.000 per zzp'er.
Zo verklein je het risico als zzp'er in de zorg
1. Werk aantoonbaar voor minimaal 2 verschillende zorginstellingen per kalenderjaar. Documenteer contracten en facturen.
2. Kies voor diensten in plaats van een vast rooster: bied je beschikbaarheid aan en wijs diensten expliciet af zonder consequenties.
3. Factureer per dienst, per behandeling of per dagdeel — niet per maand met een vast bedrag.
4. Regel zelf je BIG-nascholing, AGB-code, BAV-verzekering en een klachtenregeling (Wkkgz).
5. Gebruik zichtbaar eigen middelen (stethoscoop, laptop, uniform met eigen logo) waar dat kan en toegestaan is binnen kwaliteitseisen.
6. Leg contractueel én in de praktijk vast dat je een gekwalificeerde vervanger mag sturen.
7. Werk met een modelovereenkomst zoals goedgekeurd door de Belastingdienst voor de zorg — en zorg dat de praktijk daarmee overeenstemt.
8. Bouw een dossier op: dagverslagen van eigen ondernemersactiviteiten, marketing, offertes, klanten in acquisitie.
Zo verklein je het risico als zorginstelling
• Voer per zzp-relatie een gestructureerde 5+4-toets uit vóór aanvang en jaarlijks tijdens de opdracht.
• Onderscheid glashelder tussen 'flexibele schil in loondienst / uitzend' en 'externe zelfstandigen voor project- of piekwerk'.
• Vermijd rooster-zzp'ers voor structureel werk: als het werk elke week terugkeert, hoort het in de vaste of uitzendschil.
• Documenteer per zzp'er de zakelijke rechtvaardiging: welke expertise, welk projectresultaat, welke einddatum.
• Gebruik een modelovereenkomst en zorg dat interne processen (EPD-rechten, functieomschrijving, teamoverleg) daarmee stroken.
• Zet een intern zzp-inhuurbeleid op met een compliance-eigenaar, escalatiepad en jaarlijkse audit.
• Overweeg tussenkomst via een gecertificeerd zorgbureau met NEN 4400-registratie voor extra buffer bij ketenaansprakelijkheid.
Checklist: zzp'er in de zorg en compliance 2026
1Werk je aantoonbaar voor 2 of meer zorginstellingen dit kalenderjaar?
2Bepaal je zelf welke diensten je aanneemt (en mag je diensten afwijzen zonder consequentie)?
3Ligt je uurtarief boven €38/uur (buiten het rechtsvermoeden)?
4Factureer je per dienst, dagdeel of behandeling — niet per maand?
5Heb je een geldige modelovereenkomst voor de zorg?
6Mag je contractueel én in de praktijk een gekwalificeerde vervanger inzetten?
7Heb je eigen BAV, AGB-code, KvK-inschrijving en BIG-registratie op eigen naam?
8Investeer je zelf in nascholing, apparatuur en verzekeringen?
9Heb je een eigen website, portfolio of professionele externe presentatie?
10Onderhoud je een dossier met contracten, facturen en bewijs van ondernemerschap?
Voorbeelden
Goed voorbeeld
Een waarnemend huisarts werkt in 2026 bij 4 praktijken, plant zelf per kwartaal welke dagdelen ze beschikbaar is, gebruikt eigen laptop en stethoscoop, factureert €95/uur per waarneemdag en heeft eigen BAV en AGB-code.
Risicovol voorbeeld
Een zzp-verpleegkundige werkt sinds 2023 exclusief 36 uur/week in vaste dagdiensten op dezelfde ic-afdeling van één ziekenhuis, draagt instellingskleding, staat in het reguliere rooster en factureert een vast maandbedrag van €9.600.
Let op
Een zzp-ggz-behandelaar werkt 24 uur/week bij één instelling, gebruikt het EPD van de instelling voor 100% van de cliënten, maar heeft daarnaast een kleine eigen praktijk met 5 particuliere cliënten — de instellingsrol dwingt herbeoordeling af.